Het sprookje van de BV Nederland, eens een gezond bedrijf!

10-11-2012 08:25

Het sprookje van de BV Nederland, eens een gezond bedrijf! 

 



Daar was eens een jongetje, hij had weinig vriendjes en woonde helemaal alleen. 
Het jongetje had een beetje eenzaam bestaan. Het jongetje wilde zo graag vriendjes hebben, net als alle andere jongetjes om hem heen. Dat wilde maar niet lukken. 
De jongetjes, ja zelfs de meisjes, wilde niet met hem spelen. Hoe hard hij ook riep dat hij ze aardig vond, ze lieten hem gewoon links liggen. 

Daar was plotseling een ander jongetje, een jongetje met witte haartjes, een jongetje dat vroeger ook al in de klas had gezeten bij het eenzame jongetje. Dat jongetje wist dat hij te maken had met een kind dat leed aan eenzaamheid en dat weg dreigde te kwijnen onder het eenzaam te dragen juk. 
“Nou vooruit” riep het jongetje met de witte haartjes, “We zoeken een jongetje erbij en gaan samen een winkeltje beginnen, dat winkeltje noemen we de BV Nederland. We gaan dan onderhandelen over hoe we dat winkeltje gaan runnen en wat we er allemaal mee gaan doen” 

Het eenzame jongetje stond te springen van blijdschap, niet alleen had hij een vriendje gevonden dat met hem wilde spelen, maar hij mocht ook mee denken over hoe we het zouden gaan doen. Dat andere jongetje was net terug uit de zondags mis en had er helemaal niet opgerekend dat hij ook mee mocht doen. Zolang het maar niet tegen zijn geloof inging vond hij het allemaal prima hij wilde wel mee doen en begon meteen eisen te stellen aan dat jongetje met het witte haar. Eisen die het witte jochie helmaal niet wilde invullen. Het witte jochie liep naar het eenzame jongetje en begon te roepen dat het mooi niet doorging als ze niet deden wat hij wilde en, dat andere jongetje, moest maar weer lekker naar de kerk gaan, riep hij er achteraan. 

Het eenzame jongetje ging snel naar het gelovige knulletje toe. Beide zaten op de kansel en spraken ach en wee, over de wijze waarop ze behandeld werden door dat witte koppie. Het eenzame knulletje verzon een list, hij mocht de baas worden van die winkel, hij mocht de grijze stofjas aan en mocht aan een ieder gaan vertellen dat het wel goed zou komen. Ze zouden een paar van de wensen van het witte knulletje weggeven en dan zou hij wel bij draaien. Het christelijke mannetje zei nog, ik moet wel even met de mensen in mijn parochie praten of het allemaal wel kan, maar ik zal me best doen. Hij keek daarbij bezorgd naar het eenzame jongetje en zei: “en Jij, met wie ga jij overleggen?” 

Ach zei het knulletje, ik ben nou eenmaal eenzaam en hoef niet zo nodig met een ieder te overleggen. Ze snappen me niet als ik ze zeg hoe het moet, dus het heeft geen zin en als ze me wat vragen zeg ik gewoon dat ik toch gelijk heb en anders kan ik altijd nog spannende verhalen vertellen. Die kloppen dan wel niet, maar een kniesoor die daar op let. 

Zo kwam dus het eerste winkeltje tot stand. Het winkeltje zou vier jaar open blijven. Na twee jaar moest het winkeltje de deuren sluiten. Waarom? Gewoon omdat het eenzame jongetje niet deed wat was afgesproken en dat andere jongetjes, vooral dat witte etterbakkie, het niet meer pikte. 
Het eenzame jongetje bleef maar geld uitgeven aan vreemde mensen die, door hun eigen schuld, in de problemen waren gekomen. Telkens beloofde het eenzame jongetje weer dat hij het niet meer zou doen, telkens gaf hij weer meer geld weg in tegenstelling wat hij zijn eigen klanten beloofde. Geld, wat hij niet had, Geld, wat hij op slinkse wijze weer terug moest halen bij zijn eigen klanten. Of hij kwam thuis en vertelde dat hij dit keer niet zoveel had weggeven en dan bleek een paar weken later in eens weer dat hij toch weer het dubbele had uitgegeven. 

Kortom het liegen en bedriegen dreigde het eenzame jongetje op te breken. Onder tussen had hij zoveel geld uitgegeven dat hij de prijzen in zijn eigen winkeltje naar ongekende hoogte deed oplopen. Het werd het jongetje met de witte haren allemaal te veel. Op een dag riep die, geëmotioneerd, “DOE EENS NORMAAL MAN” en trok abrupt de stekker eruit. (hij had daar een gastarbeidster voor ingehuurd, jammer dat het haar laatste klusje was, niemand heeft meer iets van haar gehoord.) 
“DOE EENS NORMAAL MAN” met die woorden luide hij het einde van het winkeltje in. 

Wat te doen? Zo verder kon natuurlijk niet. Het eenzame ventje barste in tranen uit en deed een dringend beroep op het koorknaapje om hem toch alsjeblieft niet in de steek te laten. Dan zou hij weer dat eenzame en niet zeggende jongetje worden en dat wilde hij hoe dan ook voorkomen. Hij beloofde van alles en nog wat, niet allen aan zijn christelijke medestanders, nee aan een ieder die het maar horen wilde en hem mogelijk te hulp wilde schieten. Niet aan dat rooie tuig natuurlijk, nee die zo wie zo niet. Die waren niet te vertrouwen, die waren een ramp voor het winkeltje. Hij beloofde zelfs openlijk om geen geld meer weg te geven aan die armen om ons heen, nee echt hij had zijn lesje geleerd. Dat zou net meer gebeuren. Sterker in een bui van goedgevigheid beloofde hij de klanten van zijn winkeltje allemaal duizend euro extra, als ze hem maar de kans zouden geven om te laten zien dat hij het wel kon. 

Ach, weet je die vaste klanten vonden het allemaal ook best wel een beetje zielig, dat arme eenzame jongetje dat, eindelijk eens in de belangstelling stond zou weer helemaal terug vallen in zijn eigen eenzaamheid. Met een gulle lach werden alle problemen naar het land der fabelen verdreven en te pas en te onpas verzekerde hij een ieder die het maar horen wilde dat dat rode, linkse gedoe niet goed zou zijn voor dat winkeltje. Luid lachend verwees hij links naar de deur. Die linkse ideeën waren niks en zouden ook nooit wat worden. 

De buren van het winkeltje begonnen weer een beetje vertrouwen in het eenzame knulletje te krijgen. Op straat spraken ze erover. Natuurlijk had hij een beetje gejokt, toen ze de deur hadden dicht moeten doen van het winkeltje. Natuurlijk had hij een beetje gejokt in de hele strijd met het ‘linkse gevaar’. Natuurlijk had hij wel erg veel geld weggeven aan die andere vriendjes die zelf niet de noodzaak in zagen van het bezuinigen. Maar daar stond tegenover dat hij natuurlijk wel wat geleerd had van het feit dat dat jokken toch verkeerd zou gaan,. Nee, dat zou hij toch zeker niet meer doen, toch??? 

De buren en de klanten mochten hun stem uitbrengen. Ze kozen ervoor om zowel het eenzame jongetje, als het jongetje met het rode puntmutsje, bijna evenveel stemmen te geven. 
De mensen hadden gesproken en plotsklaps waren alle tegenstellingen die zo breed uitgemeten waren en bijna tot verkettering van elkaar hadden geleid, vergeten en vergeven. 
‘Knulletje eenzaam’ en ‘jongetje met het rode puntmutsje’ gingen het gewoon samen doen. 

En weer waren alle uitspraken, verwensingen en beloftes aan de klanten en de buren vergeten. De jongetjes hadden ‘er zin an’ . Goede raad was duur en eigenlijk niet aan beide besteed, ze trokken hun eigen plan. Hoezo nou achterban? Niks achterban. De jongetjes gingen het wel maken. 
Goed lach’s , het handelsmerk geworden van het eenzame jongetje, gingen ze aan de slag. 
Er moest een manier zijn om er snel uit te komen, maar hoe? 

Plotseling was daar het heldere licht, was daar niet ergens nog een jongetje dat al jaren geleden teveel geld had uitgegeven. Dat jongetje dat een paar jaar geleden riep dat hij voor zijn jonge gezin een beetje in de luwte wilde blijven en niet langer met de andere jongetjes en meisjes wilde spelen in de peuterzaal aan het binnenhof? Dat jongetje had inmiddels twee jaar ervaring kunnen opdoen met het begeleiden van nog kleinere kindertjes. 

Nou dat ‘centen jongetje’ moest maar eens gevraagd worden of hij niet wilde helpen, tegen een meer dan acceptabele vergoeding natuurlijk.! 
Wel dat wilde dat jongetje wel, hij eiste wel dat de andere jongetjes precies dat moesten doen wat er gezegd werd en er mocht niemand praten met die hordes journalisten die daar buiten stonden te wachten. Nee, zeg stel je voor dat de klanten van de winkel te vroeg door kregen dat ze een oor werden aangenaaid door de jongetjes. Dat wilde we niet, toch! 
Even dreigde de boel spaak te lopen. Het jongetje met het rode puntmutsje wilde niet meer verder praten met het eenzame jongetje als hij niet een beetje meer zijn zin zou krijgen. Het centen jongetje zag de bui al hangen, dat ging niet goed. Hij moest een list verzinnen om ze weer aantafel te krijgen. 

Thuis gekomen vertelde hij tegen zijn vriendinnetje, die inmiddels weer het hele huishouden runde omdat het centen jongetje het te druk had met heen en weer rijden tussen de huiselijke sponde en het warme nestje in Den Haag. Het vriendinnetje was het een beetje beu en er moest snel een eind aankomen. Ze liep naar de speeldoos van de kleine kinderen in huis, die lagen al in bed en konden dus toch niet protesteren, en toverde met een brede zwaai een kaartspel uit de doos. Het centen jongetje zat verbijsterd te kijken en riep tegen zijn vriendinnetje: “wat nu, wil je scheiden? Dat kwartettenspel wordt toch alleen gebruikt bij echtscheidingen om tot een uitruil te komen?” 

“Als jij ze dat niet verteld, dan hebben ze dat echt niet in de gaten hoor, zo slim zijn ze nou ook weer niet!” 
“Ach” riep het centen jongetje, “we doen het gewoon” 
“Dus jij denkt dat ze het niet in de gaten hebben?”vroeg hij nog even voorzichtig aan zijn vriendinnetje. 
“Als ze het al in de gaten hebben, zijn ze gewoon te laat. Jij hebt je geld al lang binnen en staat hier weer gewoon de luiers te verschonen alsof er niets aan de hand is.” 
Opgetogen vertrok hij met het kwartetspel in zijn tas naar de speeltuin op het Binnenhof. 

De andere jongetjes stonden al te trappelen van ongeduld. Het centen jongetje had immers beloofd dat ze vandaag een nieuw spelletje zouden gaan spelen. Eenmaal binnen werd het kwartetspel op tafel uitgevouwen tussen de koppen chocolademelk en de gevulde koeken. Dat deze koeken van ‘eigendeeg’ waren bereid dat zou pas veel later, in de dagen die nog gingen volgen blijken. 
Het spel begon, Het jongetje ‘met het korte rode broekje’ ( hij had het puntmutsje inmiddels verruild voor een rood kort broekje omdat hij dan wat geloofwaardiger zou overkomen) mocht als eerste een kaart trekken en vreugde alom mocht aangeven wat hij graag wilde hebben van het eenzame jongetje. Nou dat was niet zo moeilijk hoor, hij pakte het blaadje papier erbij, waarop het eenzame jongetje zijn beloftes aan de klanten had opgeschreven en riep triomfantelijk: “ik neem gewoon een rib uit je lijf, mag jij het gaan uitleggen waarom je weer niet dat doet dat je al zo vaak hebt beloofd” 

Het eenzame jongetje keek een beetje beduusd, dit kon toch niet , nou werd er weer wat afgenomen wat hij al aan die ander beloofd had, ach het zal wel niet zo’n vaart lopen. Trouwens die buren en klanten hadden toch geen idee. Een mierzoete lach en vertellen dat het allemaal wel meevalt moet voldoende zijn om het gezicht te redden. 
Zo ging het de gehele dag door, ze waren aangekomen bij de laatste kaarten van het kwartet. Het centen jongetje had natuurlijk een voorkeur voor het jongetje met het korte rode broekje. Het eenzame jongetje had hier al vaker bezwaar tegen gemaakt maar dat mocht allemaal niet baten. Ze bleven maar samen zitten smoezen. Weer lachte het eenzame jongetje het weg. En weer werd het eenzame jongetje in de maling genomen. 

De twee kwartetkaarten die over bleven waren de kaart met nivelleren via het zorgstelsel en de kaart met aanpassing van het belastingstelsel. 
Die laatst kaart, aanpassing van het stelsel, wilde het eenzame jongetje absoluut niet hebben, hij overlegde nog even met zijn vriendje die ook mee was gekomen, het blokkendoos jongetje, en gaf toen resoluut lachend aan dat hij de kaart koos van de aanpassing van het zorgstelsel. Geen moment was bij hem opgekomen om eerst eens even te vragen wat dat eigenlijk ging kosten, ach dat was toch allemaal van latere zorg! 

Ruim een week heeft het geduurd voordat ze erachter kwamen dat het centenjongetje samen met het jongetje met het korte rode broekje, gebruik hadden gemaakt van de goedlachsheid van het eenzame jongetje. Het was inmiddels wel duidelijk geworden dat het eenzame jongetje niet bij machte was om op te treden als een gewiekste onderhandelaar en als verkoper was hij ook duidelijk door de mand gevallen. Klanten binden met valse beloftes, dingen doen wat niet was afgesproken en denken dat je klanten het wel accepteren als je maar vriendelijk blijft lachen was dus een misvatting van het eenzame knulletje. Binnen een week nadat de winkel van de BV Nederland weer waren geopend bleek ruim de helft van het klanten bestand van het eenzame jongetje de benen te hebben genomen naar de winkel van het jongetje met het witte haar . Ook bij het jongetje met het korte rode broekje liepen de klanten weer weg. De meesten van hen gingen weer studeren samen met het tomaten jongetje en winkelde rustig verder op ander plaatsen. Sommigen van die teleurgestelde klanten en buren rende zelfs de grens over om maar van dat infantiele zootje verlost te worden! 

Het eenzame jongetje kon het niet langer aanzien. 
Hij besloot de eer aan zichzelf te houden en deed de winkel over aan het jongetje met het witte haar, die de laatste tijd erg goed kon opschieten met het tomaten knulletje! 
Lachend nam hij afscheid, het was immers niet zijn schuld dat zijn voorspellingen en beloftes niet waren uitgekomen. Nee, al die boze kinderen om hem heen waren er de oorzaak van dat men er achter was gekomen dat hij de laatste jaren alleen maar gejokt had. Als die andere kinderen niets hadden gezegd had hij mooi kunnen blijven zitten en doorgaan op de ingeslagen weg. Het was niet eerlijk en weer sloeg de eenzaamheid toe. Hoe het is afgelopen? 
Hij geeft nu les aan toekomstige eenzame jongetjes, dat doet hij een dag in de week. Dat is nu nog het maximum waarin hij zijn brede glimlach kan vertonen. 
De BV Nederland wordt nu bestuurd door………………………………………. 

De Moraal: 
Spookjes bestaan niet. Ondanks dat sprookjes vaak dicht tegen de waarheid aan liggen moet ik jullie teleur stellen ze bestaan echt niet!! 
Neem nou dat eenzame jongetje dat aan het einde ervoor kiest om het boetekleed aan te trekken en vergiffenis te vragen voor het feit dat hij de kluit jaren lang heeft besodemieterd. U denkt toch niet echt dat Mark Rutte zal toegeven dat er geen berekeningen hebben plaatsgevonden op basis waarvan het zorgstelsel had moeten veranderen? U denkt toch niet echt dat hij zal toegeven dat hij vorig jaar precies wist dat het verdrag dat aan de Grieken moest worden overgemaakt vele malen hoger was dan dat hij vertelde. U denkt toch niet echt dat hij het werkelijk meende dat de PvdA het rode gevaar was en het slechtste was wat Nederland zou kunnen overkomen. U heeft toch niet echt erop gerekend dat u ook duizend euro zou krijgen van deze filantroop van ander mans centen. 


U denkt toch niet echt dat deze man zoveel eer gevoel heeft dat hij met een groots ‘Mea Culpa’ de eer aan zijn eigen zou houden? 

Gelukkig maar misschien maakt u dan, bij de aanstaande verkiezingen, wel de juiste keuze !!!!