De ontruiming van de Dam 25 augustus 1970

26-03-2012 00:00

 

De ontruiming van de Dam,  25 augustus 1970

 

Zoals ik al aankondigde bij het stukje “even voorstellen” is het boek beschikbaar waarin uitvoerig de situatie wordt beschreven waaronder de Ontruiming plaats vond.

Ik was goed 15 jaar en 8 maanden toen ik in dienst trad van de Koninklijke Marine. Tegen de wil in van mijn ouders werd ik uiteindelijk Marinier. Het verhaal wat ik beschrijf, betreft de periode voorafgaand, tijdens en na de ontruiming van de Dam in Amsterdam op 25 augustus 1970. Een roman over kameraadschap en solidariteit tijdens de roerige jaren ’70. Het verhaal, onderhoudend verteld, geeft een beeld van hetgeen zich toen heeft afgespeeld en hoe ik het heb ondergaan. Met een hang naar romantiek, gunt geef ik de lezer een blik in mijn belevingswereld. Om je een beeld te geven van de inhoud hier de eerste passage’s van het boek:

 De ontruiming van de Dam 25 augustus 1970

 Voorwoord

‘Voor Koningin en Vaderland’ en ‘Qua Patet Orbis’ (zo  wijd de wereld strekt)

Twee gevleugelde uitspraken en behorend bij het Korps Mariniers. Een Korps waar ik, zij het voor een beperkte tijd, toe behoorde. Een Korps ook waar ik, hoe ouder ik wordt, met steeds meer respect naar kijk.

De kameraadschap gedurende deze periode was ongekend. Niet alleen als de situatie gevaarlijk was, maar ook bij het stappen, ging je voor elkaar door het vuur. Het zijn juist deze ‘normen’ die me erg zijn bij gebleven en die ik steeds meer ben gaan waarderen. Nog steeds als er ergens gesproken wordt over het Korps

kan ik opveren en moet alles wijken. Met heel veel respect volg ik ook vandaag nog de inzet van de leden van het Korps Mariniers. Natuurlijk was en is het niet allemaal rozengeur en maneschijn, ook een elite Korps heeft zijn zwarte kanten, kanten die je liever niet laat zien. Kanten die je, als ze toch naar buiten komen, snel weer wil vergeten. Maar … ze horen er wel bij.

Net zoals de huidige inzet in Afghanistan respect afdwingt en men met gepaste trots spreekt over de wijze van inzet daar, zijn er ook zaken die men liever niet meer terug wil halen. Een van die voorvallen die men het liefst vergeet is natuurlijk het voorval dat zich afspeelde op de Dam in Amsterdam op 25 augustus 1970. Ik was erbij en maakte deel uit van de groep die de Dam hebben ontruimd. Ik ben vaak benaderd met de vraag: “Hoe kon het zover komen?” Nu, bijna 40 jaar later, ben ik benaderd door een zoon van

een marinier. Zijn vader diende ook in die periode bij het Korps. Zijn oproep op internet in april 2007 met de vraag of er iemand nog iets kan vertellen over de ontruiming van de Dam werd door mij in augustus 2009 bij toeval gelezen. Na een eerste contact was de vraag of ik mijn ervaringen wilde delen. Ik

heb getracht een zo reëel mogelijk beeld te geven hoe het die dagen is gegaan. De dagen in de aanloop naar de daadwerkelijke ontruiming en de dagen en maanden na de ontruiming. Dit tot en met het moeten voorkomen voor de krijgsraad.

Ik heb getracht een zo getrouw mogelijk beeld te schetsen van de gebeurtenissen en een zo waarheidsgetrouw mogelijk verslag te geven. Uiteraard moet ik meteen vertellen dat het mijn waarheid is en dat het op verschillende punten mogelijk door anderen anders ervaren is. Er zal dus ook zeker sprake

zijn van enige romantisering. Door de ogen van nu en met de kennis van nu, de situatie van toen beoordelen, zou iets te gemakkelijk zijn. Een conclusie lijkt me echter wel gerechtvaardigd:

‘Het had nooit zover mogen komen, gewoon omdat het tegen alle rechtsregels inging!! Maar ook omdat de politiek verantwoordelijken veel en veel eerder hun verantwoordelijkheid hadden moeten nemen en hadden moeten ingrijpen. Zodat deze situatie op de Dam niet zo, onnodig, lang had voortgeduurd.’

Rob Barlage

 

Opgeroepen voor de dienst

 Ik was 15 jaar en 8 maanden toen ik aankwam met de trein op station ‘Hollandse Rading’. Ik stapte uit en keek over het station op zoek naar een bekend gezicht. Er stond een marineman in een donker uniform en een witte helm op. Op deze witte helm was met grote rode letters te lezen MP. Ik stapte op hem af en stond een beetje beduusd te stamelen. Met mijn oproepkaart in de hand wilde ik vragen waar ik naar toe moest voor de keuring.

Nog voor ik een woord kon uitbrengen stak hij dreigend zijn hand uit en griste de oproepkaart uit mijn handen. Ik was te overdonderd om er bezwaar tegen te maken. Hij wierp een blik op de kaart en keek me onderzoekend aan. “Daar moet je heen” en hij wees vaag naar de uitgang van het station, duwde me de kaart weer in mijn handen en draaide zijn hoofd om, hiermee aangevend dat het gesprek beëindigd was.

Nog een beetje onder de indruk liep ik in de richting van de uitgang van het station. Ik zag dat er nog een aantal jongens en mannen met net zo’n kaart in de hand, ook naar de uitgang liepen. Ik meldde me bij de wachtende DAF-truck van de marine. We werden gesommeerd om in te stappen en de oproepkaarten af te geven aan de militair, die ons maande om snel in te stappen in de truck. Via de laadklep werd je aan boord gehesen door de mannen die reeds in de truck hadden plaatsgenomen. Ik zocht een plekje achter in de truck tegen de bestuurderscabine. Van hier uit kon ik de truck goed overzien. Aan beide zijden waren houten banken geplaatst. Hierop zaten de jonge jongens en mannen stil voor zich uitkijkend te wachten op wat komen ging. Samen met een groot aantal nieuwkomers. Deze nieuwkomers werden ’liefdevol’ aangeduid door de marinemensen als ‘Baroe’s’. Dit was de Malaise benaming voor zuigeling of nieuweling. Pas veel later bleek het hele marine jargon doorspekt te zijn van dit soort uitdrukkingen. We werden gebracht naar de poorten van het Marine

Opleidingskamp in Hilversum. Bij onze aankomst maakte vooral de toegangspoort veel indruk op mij. Via een grote monumentale poort met een rood/witte slagboom kwam je uit op dit Marinecomplex. Hier was het een bedrijvigheid van jewelste. Overal liepen marinemensen in allerlei soorten uniformen. Alles was zo nieuw, alles was zo vreemd! Grote groepen met geweren op hun schouder werden op een groot plein van hort naar her gestuurd door een mannetje met een rood aangelopen gezicht, die blijkbaar hun baas was. Een andere grote groep kwam in de looppas aanlopen in allemaal dezelfde sportkleding en liepen zo snel als ze konden de poort uit en het bos in. Eenmaal binnen stopte de truck vrij abrupt. Hierdoor kwam de hele inhoud van de truck als het ware op mijn schoot terecht en werd ik bijna fijn gedrukt tegen de bestuurderscabine. Dit bleek bij het vaste ritueel te behoren waarmee de mensen voor de keuring werden afgeleverd.

Tot zover een eerste indruk van het boek. Uiteraard kunt u het hele boek bestellen via de website van de uitgever:  

Freemusketeers

Via de website van Rob Barlage kom je uit bij een fotoboek over de tijd dat ik doorbracht bij de marine:

Fotoalbum 

NB:

Het streven is erop gericht om in de winter van 2012/13 het hele boek te plaatsen op de blogsite.